DE HISTORIE VAN HET ALEXANDERPARK
Het Alexanderpark en de consequenties voor Hilversums zuidelijke uitbreidingen.

foto: Het Alexanderpark in 1903
In het Zuidoosten van de gemeente Hilversum, bij de plaats waar de spoorlijn zich splitst in een lijn naar Utrecht en een lijn naar Amersfoort, lag een langwerpig heideterrein, van 160 bij 335 meter (ca. 5 HA). De eigenaar was de Utrechtse "vleeschhouwer" G. Heinsius. Deze wilde hier in 1898 een villapark aanleggen.
Hoewel hij voor de ontwikkeling van het terrein aan de spoorlijn geen toestemming nodig had van de gemeente, moest de wegaanleg wel door de gemeente goedgekeurd worden.
Op de calque die Heinsius met het verzoek meestuurde, stonden een tweetal wegen aangegeven, waaraan maar liefst 42 villaterreinen waren aangegeven. Het terrein werd op een zo efficiënt mogelijke wijze ontsloten voor de bouw van villa's en woonhuizen met of zonder bijgebouwen. Het plan voor het villagebiedje was, nog afgezien van de zeer hoge bebouwingsdichtheid, fantasieloos van opzet met twee wat obligaat kronkelende wegen.
De zeer intensieve verkaveling van het Alexanderpark volgde een in Hilversum steeds gebruikelijker patroon, zoals te zien was in de gebieden ten westen van de dorpskern, tussen Boomberg en Trompenberg.
Voor een bepaalde categorie toekomstige bewoners vormde een klein perceel met daarop een kleine of dubbele villa geen probleem. Zij waren blij "buiten" te kunnen wonen in een eigen of in een gehuurd huis. Het ging hierbij overigens nog altijd om mensen uit de betere middenklasse. Nu moet ook niet vergeten worden dat Hilversum weliswaar snel groeide, maar dat de natuur aan de dorpsranden nog steeds domineerde. Het Alexanderpark lag weliswaar aan een spoorweg en tussen twee belangrijke uitvalswegen, maar grensde direct aan de heidevelden. Een bewoner van de Waldecklaan keek vanuit zijn tuin op die heide.
Het waren dan ook deze percelen die, samen met de percelen grenzend aan de Soestdijkerstraatweg en de Oude Amersfoortseweg, het eerst van de hand gingen.
Hier bouwde de Maatschappij Alexanderpark in eigen beheer ook de eerste enkele en dubbele villa's. Hoewel er naast het Alexanderpark bij de Soestdijkerstraatweg aan de spoorlijn Hilversum-Utrecht een treinhalte lag, verliep de verkoop van terreinen traag, waarbij met name de terreinen, die uitkeken op de spoorlijn, onverkoopbaar bleken. Pas na de eerste wereldoorlog werden de overgebleven terreinen verkocht en voor een belangrijk deel bebouwd met eenvoudige 3, 4 of 5-onder-een-kap-woningen, waarmee het villakarakter van dit parkje voor een groot deel teniet werd gedaan.
Voor de gemeente Hilversum bleek de standaardaanvraag om het wegenplan van het park goed te keuren een aantal stedebouwkundige consequenties met zich mee te brengen, die zij zich opvallend snel realiseerde en die met elan aangepakt werden. Uit het verslag van de Commissie van Beheer der Plaatselijke Werken en Eigendommen, gedateerd 27 september 1898, bleek namelijk dat de commissie de consequenties van het plan Heinsius voor dit deel van de gemeente zag als het begin van nieuwe en grote uitbreidingen in zuidwestelijke richting. Men wilde het plan van Heinsius dan ook in een ruimer kader plaatsen door het tot een onderdeel van een uitbreidingsplan voor dit deel van de gemeente te maken. Een gedachte met visie in een periode waarin het stedebouwkundig denken nog niet sterk ontwikkeld was en de rol van de gemeenten zich voornamelijk beperkte tot fluisteren op de achtergrond.
Het eenvoudige plan voor het Alexanderpark steeg hierdoor boven zichzelf uit. Het bood de gemeente de mogelijkheid om, nog voordat de woningwet er vanaf 1902 toe verplichtte, een uitbreidingsplan voor het zuidwestelijke deel en daarna voor de gehele gemeente te maken, "waaraan- behoudens wijzigingen bij raadsbesluit- inkomende aanvragen om goedkeuring van wegen getoetst kunnen worden."
Om het gehele gebied tussen de Oude Amersfoortseweg en de Soestdijkerstraatweg goed te kunnen ontsluiten, projecteerde de gemeente een ceintuurweg, die vanaf het Alexanderpark met een bocht naar de spoorlijn Amsterdam-Amersfoort liep. Deze weg werd eveneens op het uitbreidingsplan van 1905 aangegeven. In november 1899 verzocht de gemeente de vergadering van Stad en Lande van Gooiland om grond aan haar te verkopen voor de aanleg van deze weg, evenals de heidegronden binnen de geplande ceintuurbaan, die in het bezit van Stad en Lande waren. In een brief aan Stad en Lande verklaarde de gemeente dit vanuit de noodzaak om in het gebied de toekomstige bebouwing te kunnen bepalen. De opzet van de gemeente Hilversum was namelijk om in dit gebied, aansluitend aan het Alexanderpark met zijn geprojecteerde villabebouwing, een villaparkachtige ontwikkeling te laten plaatsvinden. Dit legde de gemeente in de toelichting op het uitbreidingsplan van 1905 ook formeel vast.
Was de gemeente eigenaresse van de terreinen binnen de voorgestelde ceintuurweg, of had zij althans grote delen daarvan in haar bezit, dan kon zij bij verkoop aan particulieren eisen stellen aan de soort bebouwing. De gemeente wilde op deze manier greep houden op de soort van bebouwing en dus op het karakter van dit gebied, zonder daarbij zelf als exploitant op te treden, zoals ze ook aan Stad en Lande duidelijk maakte.
De gemeente Hilversum stelde de vergadering van Stad en Lande voor om de grond aan te kopen voor ƒ 0,50 per m2 en gronden bestemd voor wegaanleg voor een eenheidsprijs van ƒ 300,- per hectare (= ƒ 0,33 per m2) De vergadering van Stad en Lande van 1 maart 1900 ging accoord "tot den verkoop van stukjes grond aan particulieren en grond voor den aanleg van wegen aan de gemeente Hilversum in het ontworpen villa-park aan de Amersfoortschen-Soestdijkerstraatweg".
Uiteindelijk is van het uitbreidingsplan van 1905 voor dit gebied, met uitzondering van de weg aan de zuid- en westzijde, de Van Riebeeckweg, niets terecht gekomen. In plaats van een villapark ontstond hier een middenstandswijk met een viertal evenwijdig aan elkaar lopende straten.
De Historie van het Alexanderpark uit "Gooische Villaparken,
ontwikkeling van het buiten wonen in het Gooi tussen 1874 en 1940"
Jannes de Haan, uitg. Schuyt & Co - ISBN 90 6097 277 5
Op de prachtige website www.inoudeansichten.nl vond ik deze mooie oude foto's van onze buurt.